Robin en Wendy zijn ervaringsdeskundige. Zij weten hoe het is om te leven met een beperking. Daarom willen zij andere mensen helpen.
Ze werken bij Cello. Daar doen ze verschillende opdrachten. Eén daarvan is het testen van musea.
De twee krijgen een vragenlijst mee. Samen bespreken ze wat goed gaat en wat beter kan.
Hun antwoorden worden verwerkt in een verslag. Dat verslag gaat daarna naar het museum.
Wendy: Ik vind het heel leuk. Ik interesseer mij al mijn hele leven voor de oudheid. Ik bezoek ook graag kastelen. Dat interesseert mij heel erg.
Robin: Een museum bezoeken, vind ik wel leuk. Toch ging ik er bijna nooit naartoe. Musea zijn best duur.
Niet alleen het museum kost geld. Je moet er ook naartoe reizen. Dat kost ook veel geld.
Maar het testen van musea is wel erg leuk. Dus nu ga ik altijd graag.
Wendy: We letten erop of het toegankelijk is voor mensen met een beperking. Dat kunnen mensen met een visuele of auditieve beperking zijn.
Maar bijvoorbeeld ook mensen met autisme of mensen die in een rolstoel zitten. Het gaat eigenlijk om allerlei beperkingen. Daar kijken we allemaal naar.
Robin: Bij toegankelijkheid denken mensen gelijk snel aan mensen die in een rolstoel zitten. Maar het gaat veel verder dan dat. Er zijn veel verschillende soorten beperkingen.
En het is goed als een museum daar rekening mee houdt. Maar ik probeer het wel altijd te relativeren. Niet alles kun je veranderen. Soms zijn er beperkingen door het gebouw zelf. Dat is dan wat het is.
Wendy: Dat mensen in een rolstoel dichtbij de kunst kunnen komen. Dat ze overal door kunnen.
Dat de uitleg voor mensen die blind zijn, in braille is. En dat mensen die blind zijn ook iets kunnen voelen. Zodat ze zich toch een voorstelling kunnen maken, van wat er te beleven valt in het museum.
Robin: We letten ook op het personeel. Of ze vriendelijk zijn. Of ze meedenken in oplossingen. En of de informatie goed te begrijpen is.
Robin: Het Van Abbemuseum is een museum met kunst. Dit museum is wel een heel goed voorbeeld voor de rest.
Wendy: Ja, absoluut.
Robin: Het Van Abbemuseum heeft het heel goed op orde. Voor de rolstoelers is de toegankelijkheid perfect. Ze hebben ook diverse exposities waarbij de uitleg in braille is voor blinden en slechtzienden.
Er zijn ook dingen die je kunt voelen. Zo waren er beelden bij de schilderijen die je kunt voelen, zodat slechtzienden toch het schilderij kunnen beleven.
Wendy: In de lift was ook een zoomtoon die steeds hoger ging. Hoe hoger je kwam, hoe hoger de toon ging. Zo kunnen blinden ook horen hoe hoog ze gaan en waar ze moeten uitstappen. Echt heel leuk!
Ze hebben er zelfs een robot. Die loopt door het museum. Mensen thuis kunnen deze robot boeken. Dan kunnen ze thuis inloggen op de robot. En via de robot meekijken.
Dus als je niet naar het museum kunt, kun je zo toch meekijken via deze robot.
Robin: Zo ver gaat het daar dus! Het is een creatief museum. Je moet er echt een keer heen. Het is een gezellig museum. Heel ruimtelijk.
Wendy: Ja, heel licht ook. Een fijne sfeer.
Wendy: Ik hou van openheid. Een grotere, open ruimte. Dat het niet te benauwend is. Dat er niet teveel mensen op één plek bovenop elkaar staan. Dat is voor mij heel fijn. Want dat geeft mij anders teveel prikkels.
In een museum zijn mensen vaak ook wat stiller. Dat vind ik heel prettig. Dat niet iedereen door elkaar roept.
Robin: "Kunst verbindt. Het helpt om over verschillende onderwerpen te praten."
Robin: Een museum is een voorlichtingsbron voor mensen. Mensen kunnen bijvoorbeeld leren over de geschiedenis. Je leert hoe het vroeger ging, en wat het verschil is met nu. Het is onderdeel van onze cultuur.
Er zijn natuurlijk ook musea die niet toegankelijk zijn door de grenzen van het gebouw. Daar kun je niets aan doen. Dan zijn we natuurlijk ook redelijk.
Al is zo’n robot, die ze in het Van Abbemuseum hebben, misschien wel een idee.
Wendy: Het oude Egypte. Zo interessant. De Titanic, heb ik ook altijd interessant gevonden. Die tragedie. Daar wil ik dan steeds meer van weten.
Robin: Het preHistorisch Dorp of Het Openluchtmuseum is ook prachtig. Eigenlijk zou ik in een tijdmachine willen zetten en in die tijd willen kijken. Dat vind ik zo mooi. Beleven hoe het vroeger was.
De leuke en de minder leuke dingen. Voor mijn eigen besef.
Robin: Wat is kunst eigenlijk? Ooit had je die pindakaasvloer of die banaan op de muur. Dat werd kunst genoemd. Dat had ik wel willen bedenken. Ik vind het eigenlijk geen kunst, maar wel een kunst om er rijk mee te worden.
Wendy: In Spanje ben ik in het museum van Salvador Dali geweest. Dat vond ik wel echt heel mooi om te zien. Je kon er gerust een hele dag rondlopen.
Robin: Kunst roept gevoel op. Mensen gaan erover in gesprek. In deze tijd ook. Wat kun je wel en wat kun je niet zeggen. Cabaret is ook kunst. In deze tijd is het soms wel lastig met alle regels over wat je wel en niet mag zeggen. Ik vind dat je overal gesprekken over moet kunnen hebben.
Wendy: Kunst verbindt. Kunst maakt de tongen los. Het helpt juist om over onderwerpen te praten.
Robin: Het is maar wat je kiest. Ik heb geen uren geduld om naar een schilderij te kijken. Ik hou meer van een interactief museum.
Museum Nemo in Amsterdam bijvoorbeeld, dat is echt een doe museum. Of Het Openluchtmuseum in Arnhem, daar is ook van alles te beleven.
Wendy: Er zijn zoveel musea waar je van alles kunt doen. Je moet je blik verruimen. Ga een museum ontdekken.
Het is echt niet zo dat je alleen maar naar een schilderij kijkt. Dat was vroeger misschien maar dat is nu echt niet meer zo.
Wendy: Ze weten vooraf dat we op bezoek komen voor een test. Eigenlijk reageren ze altijd wel positief. Soms hebben we wel een paar verbeterpunten maar mensen zijn daar vaak juist heel blij mee.
Het museum wil zichzelf ook graag verbeteren. We krijgen ook weleens een attentie van het museum. Dat is een leuk gebaar. Het geeft aan dat we gewaardeerd worden.
Robin: We moeten dit blijven doen. Er zijn zoveel musea. Ik vind dat ieder museum, alles wat mogelijk is, moet doen om het toegankelijk te maken voor iedereen.
In het Van Abbemuseum kunnen mensen thuis via een robot toch een museumbezoek meemaken.