Babi pangang is een bekend gerecht met knapperig varkensvlees en een zoetzure rode saus.
De naam komt uit het Maleis en betekent letterlijk geroosterd varken.
In Nederland eten we het vooral bij de Chinees-Indisch restaurant samen met rijst en atjar tjampoer.
Veel mensen denken dat het Chinees is. Maar het gerecht zoals wij het kennen is eigenlijk een mix van Indonesische naam, Chinese kooktradities en Nederlandse smaak.
De rode saus is nergens in China populair maar wel in Nederland.
Babi pangang heeft een zoete en zure smaak met een hint van tomaat, gember en kruiden.
Het vlees kan krokant zijn aan de buitenkant en mals van binnen. De combinatie van smaken maakt het anders dan gewone vleesgerechten.
Het gerecht heeft wortels in de Indonesische en Chinese keuken. Maar zoals wij het kennen is ontstaan in Nederland.
Na de Tweede Wereldoorlog kwamen veel Indische Nederlanders en Chinezen naar Nederland.
Zij openden Chinees-Indische restaurants en pasten gerechten aan naar Nederlandse smaak. Babi pangang werd zo een klassieker in ons land.
Babi pangang laat zien hoe culturen samenkomen in eten. Het gerecht heeft een Indonesische naam, Chinese technieken en een Nederlandse twist.
Voor veel Nederlanders is het een symbool van het Chinees-Indische restaurant. Deze restaurants hebben lang deel uitgemaakt van de Nederlandse eetcultuur.
De film Meer dan Babi Pangang gaat niet alleen over het gerecht, maar ook over cultuur, identiteit en familieverhalen.
Filmmaker Julie Ng onderzoekt waarom babi pangang zo belangrijk is in Nederland en wat het zegt over haar eigen achtergrond.
Momenteel is de film nog niet gewoon te streamen op diensten zoals Netflix of Prime Video.
Je kan de film op dit moment in verschillende bioscopen bekijken.